Wie was wie in Holambra?

Wim Welle in 1948

Wie op zoek is naar oude foto’s uit de beginjaren van Holambra kan natuurlijk het beste het lokale museum bezoeken. Op initiatief van pionier Wim Welle (1915-2004) werd in 1988 begonnen met het bijeenbrengen van fotocollecties uit de beginjaren van dit bijzondere stukje Nederland in Brazilië. Als je door Nederlandse tijdschriften uit deze jaren bladert, dan kom je vaak zijn foto’s tegen. Zijn eigen fotocollectie was het begin van de collecties van het museum. Met behulp van Tulipana wordt deze collectie gedigitaliseerd en stap voor stap online gepubliceerd.

more “Wie was wie in Holambra?”

Herinnering aan Lodewijk (Lo) Hulsman (1950-2016)

In 2011 werd ik benaderd door benaderd om plaats te nemen in een begeleidingscommissie van het Nationaal Archief ter voorbereiding van de onderzoeksgids Nederlandse groepsmigratie naar Brazilië. Voor mij kwam dit verzoek op een goed moment, want ik had net een jaar eerder besloten mijn boek over Holambra te gaan actualiseren. Iemand die voor mij wat voorwerk kon doen was altijd welkom. En natuurlijk is het leuk om een keer je expertise te kunnen inzetten bij het project van een ander. De persoon die mij benaderde was Lodewijk Hulsman, op het oog een flierefluiter maar bij nadere kennismaking een gedreven onderzoeker. Lodewijk ging met een sneltreinvaart aan de slag en wist in korte tijd vrijwel alle in Nederlandse archieven gedeponeerde bronnen over de Nederlandse groepsmigratie naar Brazilië bijeen te brengen in zijn onderzoeksgids. more “Herinnering aan Lodewijk (Lo) Hulsman (1950-2016)”

De (r)emigratie van de familie Niens

In 1958 emigreerde de familie Niens uit Dalfsen, bestaande uit vader van 47 jaar, moeder van 44 jaar en 5 jongens en 6 meisjes in de leeftijd van 3 t/m 19 jaar naar Holambra. Zeven jaar later keerde het gezin terug naar Nederland. Gerard Niens schreef het onderstaande verhaal over hun verblijf in Brazilië. Het verhaal verscheen eerder in het tijdschrift van de Historische Kring Dalfsen, Rondom Dalfsen, nr. 56.

Familie G.J. Niens in 1958

more “De (r)emigratie van de familie Niens”

Emigranten zoeken de waarheid

Het artikel in De Nieuwe Eeuw van pater Cornelio Strooband over het drama van de getekenden en ongetekenden en zijn problemen bij de vestiging van een nieuwe kolonie in Paraná wekte opnieuw beroering in katholieke streken in Nederland. In juni 1953 kwam Strooband naar Nederland om nieuwe emigranten te werven voor zijn kolonie. De lokale pers hoopte dat hij toelichting zou geven op zijn onthutsende verhaal over de Fazenda Ribeirão. Strooband wilde hier niet op ingaan. Ook het Venrayse weekblad Peel en Maas, dat een voordracht van hem bijwoonde, werd teleurgesteld.

more “Emigranten zoeken de waarheid”

Welvaart in een Nederlandse kolonie

De familie Lamers in 1948; één van de families die zich in 1953 in Castro vestigde.

Op 18 juli 1953 publiceerde het weekblad De Nieuwe Eeuw een korte reportage over de kleine kolonie Bela Vista in Castro (PR), die het resultaat was van de inspanningen van pater Cornélio Strooband MSC. Het blad wilde laten zien dat het goed ging met de uit de Fazenda Ribeirão vertrokken emigranten en dat ze allesbehalve in het Braziliaanse oerwoud terecht waren gekomen. Op dat moment verbleef Strooband in Nederland om nieuwe emigranten te werven voor zijn kolonie.

Wellicht zal iemand zich afvragen wat er nu precies gebeurd is met de diverse Hollandse families, die van de bekende Fazenda Ribeirão zijn weggetrokken. Het grote onbekende Brazilië in. Het is goed daar iets over te vertellen en wel met name over de groep van elf families die zich in Paraná hebben gevestigd. Het is licht te begrijpen, dat zij bij ’t horen van deze, bij ons vrij onbekende Staat, wij ons dit groepje voorstellen, als verloren in het “eindeloze binnenland” in een “verloren uithoek” van de wereld, tussen “oerwouden” en ver van alle beschaafde centra. In dergelijke geest bereikten hen wel brieven van familieleden uit Holland, brieven vol meelij en bezorgdheid, brieven waarover en wel hartelijk, werd gelachen door de mensen daar. Want… de werkelijkheid is zo geheel anders.

more “Welvaart in een Nederlandse kolonie”

Een nieuwe kolonie in Castro (3)

De vestiging op de Fazenda Bela Vista

Na zijn bezoek aan de Fazenda Ribeirão besloten twee emigranten die geweigerd hadden het nieuwe contract met de coöperatie te tekenen met pater Strooband mee te gaan naar Castro. Dit waren Jos Sleutjes en Jan Lamers. Zij kochten direct een stuk grond op de aan Castrolanda grenzende Fazenda Bela Vista. Negen andere boeren volgden hun voorbeeld, waarna op 26 april 1953 de eerste familie arriveerde in de nieuwe kolonie.
Niet iedereen was enthousiast over deze voortvarendheid van Strooband. Met name de Nederlandse diplomatieke vertegenwoordiging in Rio de Janeiro en bij de Nederlandse consul in Paraná, dominee William Muller werkten tegen. In het derde en laatste deel van zijn uitvoerige brief aan het weekblad De Nieuwe Eeuw doet Strooband hiervan uitvoerig verslag.
more “Een nieuwe kolonie in Castro (3)”

Een nieuwe kolonie in Castro (2)

Het drama van de getekenen en ongetekenden op Ribeirão

In het eerste deel van zijn brief deed pater Cornélio Strooband verslag van zijn aankomst in Castro en de aanwezigheid van twee Nederlandse protestantse kolonies in de nabijheid. Een goed land voor Hollandse emigranten was zijn conclusie, maar waarom niet voor katholieken? Strooband ging hierover praten in Rio de Janeiro en kreeg daar de suggestie om eens poolshoogte te gaan nemen in Ribeirão en verslag te doen van het conflict dat zich daar afspeelde tussen de boeren die het nieuwe contract met de coöperatie hadden getekend en zij die dat bleven weigeren.
more “Een nieuwe kolonie in Castro (2)”

Een nieuwe kolonie in Castro (1)

Pater Cornélio Strooband MSC

Toen begin 1953 op de Fazenda Ribeirão de tegenstelling tussen enerzijds de boeren die het nieuwe in het Portugees opgestelde contract hadden ondertekend en de dertig boeren die dat weigerden niet meer overbrugbaar bleek te zijn diende zich een “redder” aan in de persoon van pater Cornélio Strooband MSC. Strooband was sinds eind 1952 werkzaam in Castro en had van de bisschop van Ponta Grossa naar eigen zeggen opdracht gekregen een katholieke kolonie te stichten dat als tegenwicht kon dienen tegenover wat hij noemde de “protestantse invloedssfeer” die het gevolg was van de aanwezigheid van de Nederlandse kolonies Carambeí en Castrolanda. Daartoe had Strooband de boeren op het oog die in Holambra weigerden het nieuwe contract met de coöperatie te tekenen. Dit contract noemde hij “het drama van de getekenden en de ongetekenden.”
Op 20 juni 1953 publiceerde het weekblad De Nieuwe Eeuw een uitvoerige brief van Strooband waarin deze zijn pogingen om deze kleine katholieke kolonie te realiseren. ‘Het pretentieloze, onopgesmukte verslag door een bezorgde jonge priester, boeiend in zijn eenvoudige stijl, herbergt een zee van tragiek en teleurstelling’, aldus het weekblad. Hij schetst hierin de situatie die hij aantrof in Castro, zijn bezoek aan Ribeirão en tenslotte de stichting van de kolonie Santo António in Castro en de tegenwerking die hij daarbij ondervond van de Nederlandse autoriteiten in Rio en Paraná.
Het eerste deel van Stroobands relaas handelt over zijn aankomst in Castro en zijn kennismaking met de nabijgelegen protestantse kolonies Carambeí en Castrolanda. more “Een nieuwe kolonie in Castro (1)”

De “disneyficatie” van Holambra

João Luiz van Ham Mello heeft in 2015 in het kader van zijn opleiding Toerisme aan de Federale Universiteit van Minas Gerais onderzoek gedaan naar de gevolgen van het stedebouwkundig beleid gericht op de toeristificatie van het stadsgezicht van Holambra. Hij concludeert onder andere dat gebouwen en plaatsen in Holambra die herinneren aan het ontstaan van de kolonie en dus cultuur-historische erfenis niet worden onderhouden. Daarentegen worden wel nieuwe gebouwen gerealiseerd die een geïdealiseerd en geconstrueerd Hollands straatbeeld met gevels te zien geven, gericht op toerisme en op het aantrekkelijk maken van Holambra voor nieuwe bewoners.

Holambra heeft zich ontwikkeld tot een zelfstandige gemeente, en is inmiddels hoog gewaardeerd als het gaat om leefbaarheid en economische voorspoed. Maar het verleden moet niet worden vergeten. Het beschikbaar maken van digitaal erfgoed over Holambra, zoals het Tulipana project tot nu toe heeft gedaan, draagt een klein steentje bij aan het instandhouden van de herinnerinig aan het verleden en het bewustzijn over de werkelijke inspanningen die decennialang destijds geleverd zijn om Holambra succesvol te ontwikkelen. Hopelijk kan digitalisering en het vergroten van de toegankelijkheid van het archief en de collecties van de kolonie ertoe bijdragen dat ook de bouwhistorie opnieuw de aandacht en waardering krijgt die het verdient.

Lees hier een Nederlandse samenvatting van het afstudeeronderzoek: JoaoVanHam2015.pdf

Twee Nederlandse nederzettingen in Brazilië

Ribeirão begon waar Carambei na veertig jaar eindigde!

Emigrantenwoning in Ribeirão

In het najaar van 1952 verbleef de Utrechtse sociologiestudente M. Muntz in Brazilië voor het doen van onderzoek voor haar afstudeerscriptie. Zij bezocht Carambeí en Holambra en deed daarvan uitvoerig verslag in de Nieuwe Rotterdamsche Courant. Een half jaar later deed zij dit op 21 maart 1953 nog eens dunnetjes over in De Nieuwe Eeuw. In haar uitvoerige artikel zette zij de opgedane ervaringen van Carambeí op een rij vergeleek die met de beginnersfouten van Holambra. Muntz, die sterk onder invloed stond van de oppositiegroep die in 1953 Holambra verliet, spaarde de nieuwe leiding van de kolonie niet. more “Twee Nederlandse nederzettingen in Brazilië”