De Westrik verruild voor de fazenda

Pieta van Ham

In 2007 publiceerde Ad Reijrink een uitvoerig artikel in “Hers en Geens dur Diessen” over de wederwaardigheden van de geëmigreerde dorpsgenoten in Brazilië. Dit zette de journalist Ton de Jong aan om een inventarisatie te maken van de emigranten die vanuit het naburige Hilvarenbeek vertrokken. In het heemkundetijdschrift “Tussen Paradijs en Toekomst” van augustus 2015 publiceerde hij hierover het volgende artikel.

Honderden Diessenaren en Bekenaren hebben door de eeuwen heen hun koffers of reiskist gepakt en zijn voorgoed naar elders vertrokken. Zij monsterden zich aan op een schip van de VOC, trokken naar onder meer Engeland, Italië en Amerika,  traden in bij een orde of congregatie die hen naar de missie stuurde, vochten in vreemde legers en bleven na gedane strijd daar wonen. Na de Tweede Wereldoorlog vond vanuit Nederland een landverhuizing van 375.000 Nederlanders plaats naar Canada, Frankrijk, Australië en Brazilië. Het nog steeds bestaande Hollandse emigrantendorp Holambra was in die jaren een begrip. Commissaris van de Koningin Jan de Quay  wierp zich op als een groot pleitbezorger van de nieuwe woongemeenschap die geschoeid was op coöperatieve grondslag. De rooms-katholieke kerk  en de NCB maakten er reclame voor. Emigratie was een oplossing voor het tekort aan boerderijen en landbouwgrond voor de vele boerenzonen. Toch waren het niet alleen boeren die vertrokken.

Ad Reijrink, ‘Diessense emigranten in Brazilië: paradijs of nachtmerrie?’ In: Hers en geens dur Diessen, deel 15 Uitgave: Fotostichting Diessen (2007)
Ad Reijrink,
‘Diessense emigranten in Brazilië: paradijs of nachtmerrie?’
In: Hers en geens dur Diessen, deel 15
Uitgave: Fotostichting Diessen (2007)

Ad Reijrink heeft in Hers en Geens door Diessen de wederwaardigheden in Holambra van zijn dorpsgenoten uitvoerig besproken, zoals die van de families Teunissen, Van Riel, Assinck, Stapelbroek en Van Spreeuwel. De belangstelling in Hilvarenbeek voor Brazilië was minder groot. Een enkeling waagde de oversteek. Behalve een paar familieleden weet niemand er meer iets over te vertellen. Recent zijn de immigratiekaarten van Brazilië op internet geplaatst. Dat is een aanleiding om stil te staan bij dit minieme emigratiegolfje. Behalve de basisinformatie van de emigranten staat op de meeste kaarten ook een pasfoto en op een klein deel zelfs een vingerafdruk.

Metselaar Herman Krabben en Kristje Spaan hadden voordat zij naar Brazilië gingen  in Hilvarenbeek niet veel sporen achtergelaten. Zij komen in 1940 uit Tilburg om op de Vrijthof te gaan wonen. In het najaar van 1945 emigreren zij naar Brazilië. Zij had maar liefst elf broers en zussen. Het echtpaar keert later met de kinderen terug naar Nederland, maar niet meer naar Hilvarenbeek.

Fien van der Wouw (geboren 1926) brengt haar vroege jeugd door op de ouderlijke boerderij aan de Tilburgseweg. In 1937 verhuist het gezin daar Oisterwijk. In de Tweede Wereldoorlog geeft vader Tinus van der Wouw onderdak aan onderduikers. Fien wordt op één van hen verliefd: Willem van den Brink uit Achttienhoven. Zij dromen over een mooie toekomst in een ver land. Het wordt de  Fazenda Ribeirão in Holambra, de Nederlandse kolonie in Brazilië. “Het was 1950 en op tweede kerstdag zouden we met drie stellen tegelijk trouwen in het kerkje. De kerstnachtviering was buiten op het plein, want het kerkje was veel te klein voor al die mensen. We zaten op planken die op groentekistjes gelegd waren, onder de sterrenhemel. Dat maakte diepe indruk op mij. Om duizenden kilometers van huis de nachtmis te beleven, met heimwee naar je familie, samen met al die anderen die ook met hun gedachten in Nederland waren.” Zes jaar later is het avontuur voorbij. “We kregen een wurgcontract voorgelegd. Daar konden we echt niet van leven.” Holambra kampte in de eerste tien jaar van zijn bestaan met grote moeilijkheden. De boeren waren een zelfstandig leven gewend en konden moeilijk wennen aan de dwangbuis van de coöperatie die alles regelde. Bovendien was de kapitaalinbreng erg  verschillend wat voor scheve gezichten zorgde. Een gedeelte trok weg naar andere delen van Brazilie, anderen gingen terug naar Nederland. Fien woont nu in Utrecht. Zij is jarenlang actief geweest in het wijkwerk en bij de ouderenbond.

Nelie Heefer (geboren in 1914 in Hilvarenbeek)  van de Voortsepad trouwt met de elf jaar oudere schoenmaker Piet van Ham. Hun laatste adres voordat zij in 1957 met hun drie kinderen Pieta, Jo en Jac naar Brazilië vertrekken was Wouwerstraat 10. Op Pieta na komt het gezin na een paar jaar terug naar Brabant. Jo en Jac wonen nu in Reusel. Piet overlijdt in 1970 overlijdt in Tilburg, Nelie Heefer in 1988 in dezelfde stad, maar wordt begraven in Bladel, dicht bij de twee kinderen. Pieta trouwt in Brazilie met een andere emigrantenzoon (Henk van Rooijen) en blijft daar wonen tot zij hoogzwanger is van de derde, Karin. “Mijn moeder kreeg ontzettend veel heimwee. Zij gingen terug en begonnen een boerenbedrijf in Meijel”.

Vaak emigreerden meerdere leden uit één gezin. Zus Josephina Heefer was in 1949 al afgereisd met haar man Toon van der Bruggen en hun zes kinderen. Hij boerde op de Westrik naast fruitteler Gomberts. De Katholieke Illustratie besteedde op 24 maart 1949 aandacht aan hun vertrek en drukte er een foto bij af van vader Van der Bruggen met zijn kinderen bij de douane. De verslaggever van de Katholieke Illustratie: ‘De oudste van Van der Bruggen zeult met een flink pak naar de douaneloods. Vader, au, het touw snijdt zo door m’n vingers!… De zakelijke boer uit Hilvarenbeek kijkt zijn jongen even van terzijde aan: ‘Kerel, je zult nog wel eens wat anders te stouwen krijgen straks!’ Twee zinnen, terloops gewisseld – ze raken in al hun simpelheid precies de kern van het vele, dat er te vertellen valt over de grootscheepse emigratie naar Brazilië, opgezet door de Katholieke Nederlandse Boeren- en Tuindersbond. De jongen van het Nederlandse boerendorp zál sjouwen in Brazilië en zich een toekomst bouwen, die hij hier, ondanks hard werken, niet bereiken kan. Dit wensen we hem van harte.’

De familie Van der Bruggen heeft het wél volgehouden in Holambra. Jo van der Bruggen (75) vanuit Brazilië: “Het was zwaar in het begin. De coöperatie is wel drie keer over de kop gegaan. Onze pa deed er van alles bij. Hij was de eerste taxichauffeur van Holambra en had de eerste slagerij.” Het gezin redde het vond in Holambra een nieuw thuis.  Van de zes kinderen zijn er twee overleden, ook de andere vier zijn blijven wonen in Brazilie. Samen hebben zij zestien kinderen.  Toon overleed in 1973. “Mijn moeder ging  wegens ziekte terug naar Nederland en stierf in 1977 in het Elisabethziekenhuis. Zij is in Nederland begraven.”  Overleden zus Cisca was de eerste Nederlandse vrouw die trouwde met een Braziliaan. Verder stond overleden broer ‘Toninho’ bekend als de meest Braziliaanse Nederlander. Hij runde in Holambra het daar bekende ‘Bar e Restaurante Toninho’.

Ton de Jong in Tussen Paradijs en Toekomst, augustus 2015

Bewaren

Bewaren


Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *