Braziliaanse lof voor Nederlandse boeren

Kort nadat de negatieve berichtgeving over Holambra in de Nederlandse pers was opgedroogd, verschenen er in Nederlandse kranten weer positieve berichten. Eén van die kranten was het West-Brabantse dagblad De Stem, die op 9 december 1953 een artikel publiceerde waarin vooral de Braziliaanse bewondering voor het Nederlandse emigratieproject in Brazilië centraal stond. Terloops werd nog stil gestaan op bij een ingezonden brief in het Limburgse weekblad Peel en Maas. Maar, zo schreef de krant, daar trokken de boeren op de bloeiende Fazenda zich niets van aan.

Breeduit ligt het vruchtbare heuvellandschap van de Fazenda Ribeirão, de katholieke Nederlandse boerenkolonie, in de warme voorjaarszon. De trekkers hebben in dag- en nachtploegen de rode aarde gesneden, de boeren wierpen het zaad uit en daarna was het wachten op de regen. Met een onweersbui is de wasdomgevende regen uit Braziliaanse lucht komen vallen. De droppels dansten op de pannen van de witgekalkte huizen in het Fazenda-dorp, waar nu 900 mensen wonen, 612 emigranten in gezinsverband en 300 Brazilianen die bij de boeren op de Fazenda werken. Boeren uit Limburg en Brabant, uit Gelderland en Friesland, uit de Hollanden en Overijssel.

Zuivelfabriek
Nog slechts enkele jaren geleden verlieten deze gezinnen een goed eigen bedrijf in Nederland en begonnen vol goede hoop en verwachting aan de grote verhuis. Zij namen harde jaren op de pioniersschop. Jaren, waarin de kwalen en moeilijkheden van de kinderziekten hen over het zorgvolle hoofd dreigden te groeien. In het vaderland sloop het gerucht rond, dat deze landbouwkolonie elk moment in elkaar kon storten. Menigeen schudde het hoofd over het waaghalzig spel dat hier met boerengezinnen gespeeld werd. Slecht nieuws heeft altijd vleugels en geen nieuws blijft nog steeds goed nieuws in de volksmond. En goed nieuws valt er van de katholieke landbouwcoöperatie, die in recordtijd werd opgezet en tot ontwikkeling kwam, met handen vol te vertellen.
Door de Fazenda-poort blijven de belangstellende bezoekers week in week uit binnenrijden en president C.J.J. Hogenboom van de “Cooperativa Agro-Pecuaria Holambra” leidt er met plezier de hoge gasten rond. De Nederlandse ambassadeur was even verrast en verbaasd als de directeur van het Braziliaanse ministerie van Emigratie met zijn staf van 40 mensen. De directie van de Banco do Brasil bracht een bezoek, de directeur-generaal van de Philipsfabrieken en de journalisten van de Braziliaanse dag- en weekbladen putten regelmatig uit deze dankbare copie-bron. Onder een vijf-kolomskop: “Surprundentes resultados obtidos na lavoura por colonos holandeses”, scheef het dagblad O Jornal over de buitengewone resultaten, bereikt in de landbouw door de Nederlandse emigranten. Vice-president van Brazilië Café Sr. Filho stak, na zijn bezoek, luid de loftrompet over de prestaties van deze voortreffelijk ingerichte kolonie en een der vele senatoren roemde de grote opbrengst en prees de omgetoverde ontginning als een magnifiek voorbeeldbedrijf voor het hele land.

Bezoek van Dr. Albano Camargo van de Banco do Estado de São Paulo (midden).

Grote vlucht
Na de puikste land- en tuinbouwproducten die op de Braziliaanse markt hoog genoteerd staan, kwam einde october een compleet ingerichte nieuwe zuivelfabriek gereed. Een grote mandioca-fabriek is in aanbouw. Zodra de nieuwe mandioca-fabriek begint te draaien kan er 25 duizend kilo mandioca-meel per dag worden afgeleverd. Bedraagt de eigen productie op de fazenda 5 tot 6 millioen kilo, buiten de kolonie werden nog contracten afgesloten voor het verwerken van anderhalf millioen kilo.
Best ging het ook met de verkoop van vee. Aan de Braziliaanse boerenbedrijven werd voor een bedrag van 1200 conto, of in een Nederlands geld bijna een kwart millioen gulden, vee verkocht.
Op het ogenblik zitten de topmensen van de Nederlandse kolonie weer over nieuwe grote plannen gebogen, die een royale uitbreiding van de kolonisatiemogelijkheden in Brazilië beogen. Zouden deze plannen – en de kansen liggen er – na de studietijd worden verwezenlijkt, dan zal een groot aantal boeren hier aan de slag kunnen gaan. Verheugend is het, dat ook de niet-kapitaalkrachtige boerengezinnen een bedrijf kunnen gaan stichten, in kolonieverband.

Doorzetten
Een katholieke boer kan zich in Brazilië practisch alleen handhaven in kolonieverband. Daar vindt hij de kerk en de school, contact met zijn land- en geloofsgenoten en de Nederlandse zeden en gebruiken. Individuele emigratie in dit land staat bijna gelijk met een misdaad. In geen enkel land ter wereld gaat het degeneratieproces voor een Europeaan zo schrikwekkend snel als in Brazilië.
In het belang van de katholieke zaak en voor de boeren die naar grond hunkeren is het nodig deze bloeiende Fazenda Ribeirao snel af te bouwen en de uitbreidingsplannen te verwezenlijken. Nu moet de stevige basis gelegd worden waarop straks duizenden emigranten een goede toekomst kunnen bouwen. Met de Fazenda als doorgangshuis en de helpende hand van een enthousiaste Braziliaanse regering in de rug, kan het thuisfront in samenwerking met het Fazendabestuur de emigratie een grote vlucht geven. Versnippering van krachten zou onverantwoordelijk en funest zijn. Ziet men het katholieke Brazilië als een uitstekend emigratieland in kolonieverband, dan zou het ontactisch zijn de enorme mogelijkheden niet direct aan te grijpen.

Fel bestreden emigratie-object
Geen enkel emigratie-object is zozeer bestreden als de Fazenda Ribeirão, de katholieke Nederlandse boerenkolonie in de staat São Paulo in Brazilië. Van deze tendentieuze berichtgeving trekken de boeren op de bloeiende fazenda zich gelukkig niets aan. Zij verdienen met hun pionieren en baanbrekend werk echter meer waardering.
De Braziliaanse pers geeft hun deze waardering volop. In het blad O Mundo Agrario schreef sr. Apolonia Sales dan ook vol trots onder de kop “Nooit genoeg te waarderen”, een artikel dat heel anders klinkt dan de afbraak-schrijverij, zoals deze in het blad Peel en Maas van 28 november j.l. werd gepubliceerd.
“Wie de aarde vruchtbaar maakt, werkt niet alleen voor eigen voordeel, doch bevordert de rijkdom van het hele land, omdat hij uit de geheimzinnige alchemie der natuur schatten voortbrengt, die zonder hem niet zouden bestaan. Braziliaan of vreemdeling, die hun werklust in de bodem steken, verdienen de hoogste lof, zelfs boven iedereen die zich in Brazilië op een ander terrein verdienstelijk maakt. Nooit genoeg te waarderen is daarom het werk van de boer”, zo schreef Sr. Sales. De toekomst hoopvol en in deze toekomst groeit de Fazenda Ribeirao gestadig en rustig voort.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *