Reisindrukken van een oud-planter (2)

In de tweede helft van zijn eerste brief in het weekblad De Bergcultures beschrijft Roeland Vermeulen de reis door Brazilië vanaf zijn aankomst in Rio de Janeiro tot en met zijn ontvangst in Carambeí.

Rio de Janeiro
Bij het binnenvaren van de haven van Rio de Janeiro komt de mensch geheel onder den indruk, daar de entree werkelijk schitterend is. Eerst ziet men een bergachtige met bosch begroeide kustlijn, waarin diverse rotsachtige eilandjes, hetgeen ons doet terugdenken aan de kust bij Emmahaven (Padang); dan draait ‘t schip plotseling in de richting van de haven en treden, waar de groene bergen het blauwe water raken, talrijke wolkenkrabbers te voorschijn. Normaal duurt ‘t dan nog wel een uur, alvorens men aan de kade ligt.

Rio de Janeiro beslaat een oppervlakte van ca 60 vierkante mijlen en bestaat uit meerdere gedeelten, welke gescheiden zijn door een tot aan de zee doorloopenden bergrug en door een kanaal. Waar we eerst ‘s namiddags om 5 uur aan wal kwamen en den volgenden dag om 2 uur zouden vertrekken kregen we slechts een vluchtigen indruk van Rio, doch deze was alleszins gunstig. In kleur en opzet kan misschien geen tweede stad ter wereld met Rio vergeleken worden en inderdaad is ‘t voor iederen passagier een uniek gezicht de haven van deze fameuze Braziliaansche hoofdplaats binnen te stoomen.

Direct trof ons na het debarkeeren aan ‘t einde der enorme havenkade een in alle opzichten model clubgebouw, waar een tolk, die vele talen spreekt, den vreemdeling alle gewenschte inlichtingen geeft. Een keurig ingericht lokaal noodigt den bezoeker lokkend uit om; gratis een geurig kopje koffie te drinken, ten einde kennis te maken met dit voornaamste Braziliaansche uitvoerproduct. Zeer smakelijk gezet en netjes opgediend is deze wijze van reclame wel zeer origineel en zou o.i. ook op Java aanbeveling verdienen. Smakelijk gerangschikt ziet men in groote glazen bokalen alle soorten koffie, welke Brazilië oplevert, gesorteerd naar kwaliteit en grootte, als een kleine overzichtelijke tentoonstelling met duidelijke statistieken, zoodat iedere bezoeker onmiddellijk een idee krijgt van den enormen omvang dezer cultuur. Iedereen drinkt in Brazilië koffie en in groote hoeveelheden. Op de meeste plaatsen is ‘t usance minstens 4-maal per dag koffie te drinken. Zou op Java en de buitenzittingen op dezelfde wijze en in dezelfde mate koffie gedronken worden, dan zou de koffiecultuur waarschijnlijk geen crisis· doormaken. De geringe populatie van Brazilië heeft vanzelfsprekend weinig invloed op de koffiemarkt hier, daar de verhouding van het totaal aantal inwoners tot de totale koffieproductie minimaal is. M.i. zou dat in Indië een ander geval zijn. We zouden deze populaire wij ze van reclame maken onder de aandacht van het Bestuur van het Koffiefonds willen brengen.

De straten in Rio evenals de gebouwen doen de reputatie der stad alle eer aan. Evenwijdig met de zee loopt een promenade van wit marmersteen, ongeveer 5 mijlen lang. Vele gebouwen zijn geconstrueerd als paleizen. Imposante pleinen, opgeluisterd door grootsche monumenten, fonteinen en liefelijke bloemenrijke parken werken mede om het aanzien van de stad op te vroolijken. Deze snelgroeiende stad met bijna 2½ millioen inwoners met hare feërieke verlichting, comfortabele hotels, luxueuze casino’s, sprookjesachtige beaches, unieke race-terreinen en onvergetelijke panorama’s zal zeker meer en meer bezocht worden. Door den internationalen tourist. De avondverlichting der stad is meer dan schitterend, als één unieke illuminatie, en Rio moet wel een der best verlichte steden der wereld. zijn. We wisselden onmiddellijk geld bij Cook en al dadelijk bleek, dat het Engelsche bankpapier hier de meeste waarde heeft. Het Engelsche Pond wordt naar verhouding het hoogst gewaardeerd en alle wisselkantoren, o.a. Cook, geven voor bankpapier meer dan de Banken voor wissels uitbetalen. .Amerikaansche dollars zijn eveneens goed, doch ook hiervoor geldt, dat men voor bankpapier meer ontvangt dan voor een wissel. Toekomstige Rio-bezoekers kunnen dezen tip onthouden.

We lieten ons door een taxi de stad rondtoeren tegen een tarief van 20 milreis per uur. 1 Milreis was op dat moment ongeveer 12 Hollandsche centen. 1 Milreis = 1000 reis en 1000 milreis = 1 conto de reis. We bezochten o.a. de eetgelegenheden “Taberna Carioca” en “Brahma”. De maaltijden waren goed en billijk, hoewel ‘t moeilijk viel uit de Braziliaansche namen op het menu wijs te worden. Een Duitsch sprekende kelner helpt den vreemdeling echter wel op weg. Het viel ons onmiddellijk op, dat in Brazilië zooveel Duitsch gesproken wordt en in het Zuiden speelt deze taal een dermate belangrijke rol, dat b.v. in den Staat “Santa Catharina” zelfs de negers, afstammelingen der vroegere slaven, Duitsch verstaan.

Het bier in Rio, doch ook in de andere staten, welke we bezochten, is prima. Een glas vatbier, “chopp” genaamd, kost slechts 1 milreis en ‘t zijn flinke groote glazen “duplo” genoemd. Bierliefhebbers kunnen hier hun hart ophalen. We bezochten ook een bioscoop, doch Java staat, wat de film betreft, zeker bij deze wereldstad niet ten achter.

CorcovadoWe beklommen per auto, respectievelijk tandradbaan, den top van de “Corcovado”, waar ’t wereldberoemde 35 m hooge Christusbeeld, hier “Christo Redemptor” genoemd, een machtigen indruk maakt en den bezoeker tot stilzwijgen dwingt. Van hieruit ontrolt zich aan het oog één der schoonste panorama-uitzichten der geheele wereld. Ook het uit granietsteen bestaande suikerbrood (Sugar-Ioaf-mountain) ziet men overal heinde en ver te voorschijn treden. We hebben aan Rio een mooie en dankbare herinnering bewaard.

Santos
Nadat we Rio verlaten hadden voeren we na één nacht varen bij het aanbreken van den dag de haven van Santos binnen, waar we de .boot zouden verlaten. Na Rio maakte Santos op ons den indruk van een kampong en vooral bij het langzaam binnenvaren krijgt men een armoedigen indruk. Langs de kust liggen overal hutten verspreid, welke ons sterk herinnerden aan onze kamponghuisjes. Vanzelfsprekend is de stad zelf veel beter, hoewel er alles op een rommelige havenstad wijst. De reusachtige goedangs [pakhuizen] langs de kade bewijzen, dat de handel hier belangrijk is. Santos is de grootste afscheephaven van koffie.

Voor het eerst gedurende onze reis maakten we kennis·met de douaneambtenaren en deze kennismaking was verre van aangenaam. Alle koffers en kisten moesten zonder uitzondering opengemaakt worden en de wijze, waarop dit geschiedde, was meer dan ergerlijk. Keurig verpakte en gespijkerde kisten werden zonder eenige égards ruwweg opengebroken. Dankzij de hulp van een door het Consulaat te São Paulo gezonden Hollander, die ons met zijne kennis der Portugeesche taal door vele moeilijkheden heen hielp, ledigden we dezen beker en konden we om 3 uur ’s namiddags met een keurige char-à-bancs naar São Paulo vertrekken, terwijl alle bagage per vrachtauto volgde.

São Paulo
Hotel Suisso Sao Paulo
De weg van Santos naar São Paulo stijgt snel tot boven 800 m boven den zeespiegel en biedt schitterende vergezichten. São Paulo telt ± 1.300.000 inwoners en is een groote industriestad en zakencentrum in Zuid-Amerika. We namen onzen intrek in hotel Suisso, waar we per persoon en per dag 20 milreis betaalden. De kamers waren eenvoudig gemeubileerd, doch de maaltijden waren overvloedig en smakelijk. De lunch en het diner werden door een goed strijkje opgevroolijkt. Toen we met andere Hollandsche reisgenooten den eersten avond aan het diner zaten, speelde de muziek het Wilhelmus, dat natuurlijk staande door ons werd aangehoord. Deze sympathieke geste van den Zwitserschen eigenaar van het hotel werd vanzelfsprekend naar waarde geapprecieerd. We vertoefden 5 dagen te São Paulo voor bezoeken bij den Nederlandschen Consul en diverse paperassenrompslomp en maakten ter eere van de onafhankelijkheidsverklaring van Brazilië o.a. een parade mee.

São Paulo breidt zich in enorm snel tempo uit. Oude huizen en gebouwen worden overal afgebroken en vervangen door wolkenkrabbers. Straten en bruggen liggen opgebroken om opnieuw te worden geplaveid en geconstrueerd. Door al deze bouwerij ziet de stad er ongeacheveerd en rommelig uit. Over enkele jaren zal Sao Paulo zeker een zeer moderne wereldstad zijn. We bezochten o.a. de beroemde Butantan-slangenfarm, waar serums bereid worden tegen alle slangenbeten. Het geeft een griezelig gevoel tusschen al die verschillende gif- en niet-gifslangen en vooral de monsterlijke gifpadden waren zeer onooglijk. Het klimaat van dit centrum van ‘s werelds grootste koffiezaken is zeer aangenaam in dit jaargetijde, hoewel ‘t in de zomermaanden januari en februari wel eens warm kan zijn. Tijdens ons verblijf echter waren de dagen met hun blauwe luchten en veel zon koel en was ‘t er heerlijk.

Treinreis
Van São Paulo naar Ponta Grossa reisden we in een luxe slaapwagen. We vertrokken om 4 uur ’s namiddags en arriveerden den volgenden dag om 2 uur te Ponta Grossa. Deze slaapwagon is in twee helften verdeeld. In de eene helft zijn de slaapcoupé’s, terwijl de andere helft ingenomen wordt door verplaatsbare rieten fauteuils. Per volwassene betaalden we nog geen f 10.- Hollandsch geld, ‘t geen voor 22 uren sporen, inclusief slaapcoupé, toch zeker zeer billijk is. Deze spoorlijn behoort aan eene particuliere Braziliaansche Maatschappij, terwijl de totale aanleg voor een vast bedrag per km door een Engelsch concern werd aangelegd. Het gevolg was natuurlijk, dat er duizenden bochten ontstonden, daar voor de geringste oneffenheid in het terrein de lijn werd omgelegd om een kunstwerk of grondverzet te vermijden. De baan ligt slecht, terwijl de veering der wagons eveneens abominabel is. Een treinreis in dit land is dan ook bij lange na geen pretje. Bij de vele onbewaakte overwegen vindt men borden met ‘t volgende opschrift: “Pare – olhe – escute – passe”, wat beteekent: “Sta stil – kijk uit – luister en passeer”.

Ponta-Grossa
De hotels in Ponta-Grossa zijn primitief, doch uiterst billijk. De wegen in ‘t stadje (35.000 inwoners) zijn slecht geplaveid. In de buitenwijken zijn de wegen zelfs nog niet verhard. Ook de verlichting laat nog zeer veel te wenschen over. Door het stadje trekken vele huifkarren door 8 à 12 muilezels getrokken, terwijl fazendero’s (grondbezitters) of hunne geëmployeerden op met schapenvachten gezadelde paarden met fantastische shirts en dassen en breedgerande hoeden een Far-west-sfeer scheppen. Trouwens zeer veel hier in het binnenland herinnert ons aan de Cowboy-films, welke we zoo nu en dan in Indië bezochten. We werden afgehaald en begroet door verschillende leden der Hollandsche kolonie Carambehy, waaronder o.a. de leider en de dominee. De spontane hartelijkheid en geboden hulp deden warm aan, en we accepteerden deze met graagte, daar de eerste indrukken van dit primitieve stadje verre van vroolijk stemden. Integendeel, onze eerste kennismaking met ‘t hotelleven in Ponta Grossa viel geweldig tegen en met zeer gemengde gevoelens werd de eerste nacht doorgebracht.

Carambehy
Reeds den volgenden dag bezochten we Carambehy op ± 1 uur met de auto van Ponta Grossa verwijderd en onmiddellijk verbeterde de stemming, daar Carambehy een alleszins vroolijken en prettigen indruk maakte. Het land is lichtglooiend met schitterende vergezichten en men waant zich in een stukje mooi Holland. Het is de bewoners ten volle gelukt hun nationaliteit volkomen te behouden. U kunt U dus voorstellen een stukje uitgesproken mooi Nederland met ‘t verrukkelijk klimaat van Zuid-Italië.

We huurden een eenvoudige leegstaande boerenwoning voor de luttele som van 80 milreis per maand, inclusief een groot erf met schuren en stallen en een mooie boomgaard. We besloten zoo spoedig mogelijk hierheen te verhuizen tot we t.z.t. na aankoop van eigen grond ons eigen huis zullen bouwen. In m’n volgenden brief zal ik U uitvoerig over ’t ontstaan dezer Hollandsche nederzetting, het leven en · alles, wat·daarmee direct verband houdt, vertellen.

Verschenen in De Bergcultures van 25 december 1937.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *