Nederlandse boerenkolonie in Brazilië was in nood

Meer dan zestig sterfgevallen onder het rundvee

De import van Nederlands stamboekvee en de latere verkoop van dit vee aan Braziliaanse handelaren moest de kurk worden waarop de emigrantengemeenschap Holambra moest drijven. En juist dat vee had erg te lijden onder Braziliaanse veeziekten. Toen begin 1950 opnieuw een uitbraak plaatsvond, waarbij de veeboeren dachten aan mond- en klauwzeer, deed de leider van de kolonie, Geert Heijmeijer een beroep op de Nederlandse regering. Deze stuurde in april 1950 een Nederlandse veearts, te weten Remko de Maar naar Brazilië om de ziekte te bestrijden. Na zijn terugkeer in Nederland deed De Maar in het Algemeen Handelsblad verslag van zijn bevindingen. more “Nederlandse boerenkolonie in Brazilië was in nood”

Herinnering aan Kees Wijnen (1936-2018)

Toen ik in 1990 mijn eerste boek over Holambra publiceerde kwam ik al snel in contact met Kees Wijnen. Zijn rapporten over Holambra I en II kende ik en daar heb ik ook dankbaar gebruik van gemaakt bij het schrijven van mijn boek. Nadien kwam ik hem vooral tegen tijdens bijeenkomsten die iets met emigratie te maken hadden en mijn contacten met hem werden intensiever zo’n tien jaar geleden toen ik door Jos van Campen werd gevraagd een rol te spelen bij de Katholieke Emigratie Centrale en de Katholieke Vereniging van Ouders en Familieleden van Geëmigreerden. Met zijn overlijden op 30 april 2018 kwam helaas definitief een einde aan dit contact.

Cornelis Johannes Maria Wijnen werd op 11 december 1936 geboren op de Mariahoeve in de Sint Maartenspolder (gemeente Hoeven). Hij was de jongste in een gezin van vier kinderen. Kees ging in Oudenbosch naar de lagere school en daarna in Roosendaal naar de middelbare school. Na het voltooien van de HBS en zijn militaire dienstplicht ging hij studeren aan de Landbouwhogeschool Wageningen. Tijdens zijn studie ging hij op stage in Brazilië en leerde hij de Nederlandse groepsvestigingen kennen. more “Herinnering aan Kees Wijnen (1936-2018)”

Mettertijd 3500 emigranten op de “Fazenda Ribeirao”

Nederlandse kolonie levert stof voor Braziliaanse kranten

In de beginjaren van Holambra waren Nederlandse katholieke kranten gretig om nieuws te publiceren over de nieuwe Nederlandse emigrantengemeenschap in Brazilië. En zeker als de intiatiefnemer, Geert Heymeijer weer even in Nederland was om besprekingen te voeren met autoriteiten. Zo ook De Tijd, die eind 1949 het onderstaande artikel publiceerde. Dat hij in Nederland was om te onderhandelen voor nieuwe financiële steun hield Heymeijer echter voor de betrokken journalist verborgen.

(Van onze Haagse redacteur)
Praten en schrijven hier in Nederland over de noodzaak en de mogelijkheden van emigratie is allemaal heel aardig, maar nu de andere zijde van deze zaak. Als de boot los is van de kade heeft de emigrant over de bestaansmogelijkheden in Nederland geen zorgen meer, maar hoe vergaat het hem in zijn nieuwe vaderland? Wij hadden een gesprek met iemand, die het klappen van de zweep kent in Brazilië. Ir. J. G. Heymeijer staat daar aan het hoofd van een, nu reeds vrij grote, Nederlandse kolonie: de “Fazenda Ribeirao”, waar al eens eerder over gesproken is in ons blad. Hij is enkele dagen voor zaken in ons land en bleek bereid iets ie vertellen van zijn ervaringen ‑ interessante, moeizame en hoopvolle. – more “Mettertijd 3500 emigranten op de “Fazenda Ribeirao””

Compleet dorp in aanbouw

Onder de titel “Nederlandse boeren bouwen huis en hofstede in Brazilië” publiceerde De Volkskrant op 4 augustus 1949 een artikel over de opbouw van de Nederlandse gemeenschap op de Fazenda Ribeirão, nu beter bekend onder de naam Holambra. Aanleiding is het bezoek van de Nederlandse vertegenwoordiger van Holambra, Gerard Duijsens, aan Brazilië. De sfeer is nog zeer optimistisch, maar legt ook de zwakte van het project bloot: de opbouw van de kolonie werd voor een groot deel gefinancierd uit de financiële inbreng van de emigranten. Ook laat het zien dat Holambra voor de Brazilianen een voorbeeldfunctie vervulde. Dit is ondanks de crisis die een jaar later begon niet veranderd.

more “Compleet dorp in aanbouw”

“Geen onbezonnen gooi naar het avontuur”

Mijn posts betreffende de geschiedenis van Holambra beslaan tot dusverre de periode 1946-1954. Daarin komen de voorbereiding, de eerste jaren en de crisis in de jaren 1951-1953 aan bod. Dankzij de digitalisering van kranten duiken steeds meer artikelen op over de beginjaren. In het navolgende keren we terug naar 1949. Het katholieke dagblad DE TIJD besteedde op 23 februari van dat jaar aandacht aan het vertrek van de tweede grote groep emigranten naar Holambra. Ze maakten de zeereis met de “Alphard”, dezelfde boot die later dat jaar ook de eerste emigranten van de gereformeerde kolonie Monte Alegre vervoerde. more ““Geen onbezonnen gooi naar het avontuur””

Christelijk en moreel verantwoord? (2)

In het tweede deel van hun reactie, dat verscheen in het weekblad Peel en Maas van 6 februari 1954, gingen Jan Nabuurs en Wim Jeuken vooral in op de wantoestanden die zich rond de “ongetekenden” afspeelden op de Fazenda Ribeirão.  Ze erkenden ook dat het voor hen die op de fazenda bleven in de nabije toekomst nog niet gemakkelijk zou zijn. ‘Emigreren is pionieren, ploeteren en offeren,’ zo besluiten zij. more “Christelijk en moreel verantwoord? (2)”

Christelijk en moreel verantwoord? (1)

Het Venrayse weekblad Peel en Maas publiceerde op 28 november 1953 een uitvoerig relaas (op deze site gepubliceerd onder de titel “Men kan gaan als men wil“) van vier oud-dorpsgenoten betreffende de emigratie naar Brazilië en de toestand op de Fazenda Ribeirão. Dit stuk was een reactie op eerdere bijdragen, waarin om opheldering gevraagd werd en betere voorlichting over emigratie naar Brazilië. Het relaas leidde op zijn beurt weer tot een reactie van twee andere emigranten, Jan Nabuurs en Wim Jeuken, die in het onderstaande stuk, dat hier in twee delen wordt gepubliceerd, het een en ander willen rechtzetten. Met deze bijdrage beëindigde Peel en Maas het dispuut, dat volgens het blad “niet had behoeven te ontstaan, indien voorlichting en toelichting in het verleden beter was geweest.” Het woord is aan Nabuurs en Jeuken. more “Christelijk en moreel verantwoord? (1)”

Nogmaals Brazilië!

Het land der toekomst.

Gerard Duijsens

Naar aanleiding van de ingezonden brief van vier Venrayse emigranten in het lokale weekblad Peel en Maas zag de vertegenwoordiger van Holambra in Nederland, Gerard Duijsens zich genoodzaakt een kort weerwoord te schrijven.

Naar aanleiding van een in dit blad van 28 november j.l. verschenen artikel over de Fazenda Ribeirão en haar bewoners, zou men ter weerlegging van het daarin besprokene, een heel boek kunnen schrijven. En dan nog zou men wellicht niet alles naar ieders zin hebben verteld.

Maar wij zullen dit niet doen en ook niet ingaan op de grote onjuistheden, die hierin bewaard worden, om maar zacht uit te drukken, op welke manier men hierin mensen bejegent, die zich volkomen inzetten voor de toekomst van onze emigranten en hun kinderen. more “Nogmaals Brazilië!”

“Men kan gaan als men wil…”

Naar aanleiding van het artikel in het weekblad Peel en Maas, dat behoorlijke voorlichting over de Fazenda Ribeirão wel was te krijgen, klommen enkele Venrayse emigranten, die inmiddels de Fazenda hadden verlaten in de pen om hun visie op het gebeuren op te tekenen. In het artikel, dat op 28 november 1953 in het weekblad verscheen, gingen zij ook uitvoerig in op de vestiging van voormalige Holambra-emigranten in Não Me Toque in de zuidelijke deelstaat Rio Grande do Sul.

Het vertrek van Leo Philipsen naar Brazilië

more ““Men kan gaan als men wil…””

Behoorlijke voorlichting is wel te verkrijgen!

Naar aanleiding van het optreden van Pater Cornelio Strooband in het Limburgse Leunen ging het lokale weekblad Peel en Maas op onderzoek uit om na te gaan of er over Holambra wel behoorlijke voorlichting beschikbaar was. De krant sprak met de vertegenwoordiger van Holambra in Nederland, Gerard Duijsens en concludeerde dat die wel beschikbaar was. Hier volgt de zoektocht Peel en Maas naar behoorlijke voorlichting. more “Behoorlijke voorlichting is wel te verkrijgen!”